Ontwikkeling van het zindelijk worden

Het verkrijgen van zindelijkheid is voor het kind ťťn van de grote mijlpalen in zijn ontwikkeling. Het voegt iets toe aan de afgrenzing tussen het kind en de omgeving. Ook al moet de moeder nog helpen, het kind heeft iets nieuws verworven. De autonomie neemt toe.
Voorwaarde voor het verwerven van de sfinctercontrole is echter een normale ontwikkeling en rijping van het zenuwstelsel. Deze dicteert het tempo.
Pasgeboren baby's urineren door een reflexmatige lediging van de blaas wanneer deze gevuld raakt. Deze spinale reflex loopt over het 2e tot 4e segment van het sacrale merg, gelegen ter hoogte van de wervels Th12 - L1. Via afferente banen wordt rekking van de blaas doorgegeven aan S2-S4 en vervolgens treedt er een detrusor reactie op. Geleidelijk neemt in de loop van het eerste en tweede jaar de gevoeligheid van de blaas voor deze reflex af door remming via hogere hersencentra.
Tijdens het tweede levensjaar begint het kind zich van de aandrang tot urineren bewust te worden en ontstaat geleidelijk het vermogen het plassen uit te stellen of juist in gang te zetten.
Wanneer het kind de sphincter urethrae en de levator ani willekeurig aan kan spannen, is het in staat de mictie te onderbreken.
Het min of meer onafhankelijk van de blaasvulling op gang brengen van de mictie gebeurt als volgt:
Aan het einde van een korte inademing wordt het middenrif gefixeerd, de musculatuur van de onderbuik aangespannen en het voorste deel (m. pubococcygeus) van de m. levator ani wordt ontspannen.
Tenslotte zijn bij het kind de beheersing van de mictiedrang en de toename van de blaascapaciteit zover gevorderd dat het kind ook in zijn slaap droog is. De blaascapaciteit van 2-jarigen is zo'n 100 ml., van 5-jarigen 250 ml. en van 13-jarigen 500 ml.
Er zijn vele variaties in de volgorde van dit ontwikkelingspatroon. Soms ziet men eerst een opvallende daling van de mictie-frequentie en pas daarna de mogelijkheid tot urineren op potje of w.c.. Sommige kinderen worden eerst 's nachts en daarna overdag zindelijk. Als overgang naar gehele zindelijkheid kan zich bij sommigen nog gedurende maanden of jaren enuresis tijdens intensief spelen voordoen, vaak in combinatie met enuresis nocturna. Soms blijft er ondanks totale zindelijkheid een opvallend hoge mictie-frequentie als geÔsoleerde pollakisurie bestaan. Deze is niet pathologisch.
Een volwassene urineert normaal 5 tot 6 maal per dag. De functionele blaascapaciteit loopt individueel zeer uiteen.

Gewijzigd op 8-11-2001 16:04:16